Hoofdstuk 590

Arthur was van zijn stuk gebracht en spuugde bijna van schrik zijn water uit door de aannames van zijn buren.

Met een geforceerde glimlach vroeg hij: "Waarom denken jullie dat ik een goudzoeker ben? Wat is volgens jullie de definitie van fortuinlijk zijn?"

De buren plaagden Arthur speels, alsof ze...

Log in en ga verder met lezen