Hoofdstuk Vijfhonderd drieënzeventig

BLADE

"Nog eentje, alsjeblieft!" roep ik naar de open voordeur van de bar vanuit mijn smerige zwarte hoek van de hel.

Ik blijf het voor me zien. Horen. Mijn zus, die zich zo gebroken en zo kapot voordoet terwijl ze geneukt wordt door een onbekende weerwolf klootzak. Een verrotte oude slet...

Log in en ga verder met lezen